Achtergrond
Born To Run: de doorbraak van Bruce Springsteen

Zijn eerste twee albums hadden Bruce Springsteen goede recensies bezorgd, maar echt goed hadden ze niet verkocht. Veel hing dan ook af van zijn derde album. De zanger leek zich dat te realiseren en zette alles op alles om een meesterwerk af te leveren. De missie slaagde: het album dat precies 45 jaar geleden op 25 augustus 1975 verscheen werd onthaald als zijn beste tot dan toe en het vloog ook in immense aantallen weg. Tien feiten over wat Bruce Springsteen zelf nog altijd omschrijft als ‘mijn belangrijkste album ooit’: (foto credit: Eric Meola (c) 1975, 2005, 2011)

1.

Bruce Springsteen schreef het titelnummer op de rand van zijn bed in een huisje dat hij gehuurd had aan de 7½ West End Court, West Long Branch in New Jersey. Het vertrekpunt waren een paar gitaarakkoorden en de woorden ‘born to run’. Het duurde even voordat de zanger zichzelf ervan overtuigd had dat hij die kreet niet overgenomen had uit een boek of van de zijkant van een auto, maar kennelijk helemaal zelf bedacht had. Hij liet zich tijdens het schrijven van het nummer sterk inspireren door de platen waar hij destijds veel naar luisterde. Hij zocht het gitaargeluid van Duane Eddy, de opera-achtige zang van Roy Orbison en de muur van geluid van Phils Spector. Het werd een taaie klus: tussen de eerste aanzet van het liedje en de definitieve studioversie zaten zes slopende maanden.

2.

In de aanloop naar het album raakte Bruce Springsteen bevriend met muziekjournalist en producer Jon Landau, een contact dat verstrekkende gevolgen zou hebben. Landau overtuigde Springsteen ervan dat hij niet langer genoegen moest nemen met goedkope opnamelocaties, zoals de 914 Sound Studio waar de zanger met zijn E Street Band eindeloos gewerkt had aan Born To Run – het titelnummer. Op instigatie van Landau zette Springsteen de klus voort in de gerenommeerde Record Plant Studio in Manhattan, waar hem talloze geluidssporen ter beschikking stonden. En die ook allemaal gebruikt werden.

3.

De rol van Jon Landau werd al snel veel groter. Hij ontpopte zich als mede-producer en arrangeur. Hij was het die Bruce Springsteen ervan overtuigde om een aantal songs in te korten. Jon Landau produceerde ook albums die volgden op Born To Run. Tot de dag van vandaag is hij nog altijd de manager van Bruce Springsteen.

4.

De sessies voor Born To Run lanceerde ook de jonge Jimmy Iovine, destijds de vaste technicus in de Record Plant Studio. Hij was al eerder betrokken geweest bij het Walls And Bridges album van John Lennon, maar hij maakte pas echt naam met dit derde album van Bruce Springsteen. Hij bleef ook betrokken bij volgende platen van Springsteen en groeide uit tot een gerespecteerde producer van o.a. Patti Smith, Tom Petty, U2 en zowaar onze eigen Golden Earring (LP: Grab It For A Second). Later werd hij topman in de Amerikaanse muziekindustrie en vormde bijvoorbeeld een zeer lucratieve samenwerking met hip-hop icoon Dr. Dre (Beats).

5.

Bruce Springsteen wilde met Born To Run een album maakte dat het Amerika schetste dat langzaam wakker werd uit de nachtmerrie die Vietnam heette. Van de bevrijding van die bloedige oorlog tot de zorgen over een onzekere toekomst. Songs als Thunder Road en Born To Run vertegenwoordigden het optimisme, terwijl Backstreets en Jungleland een meer somber beeld schetsten. Het gevoel dat alle songs op Born To Run deelden, was dat van een intens verlangen naar vrijheid en een beter leven. Het was een ambitie die ook de sessies voor Born To Run beheerste: deze plaat moest de zanger en zijn band naar een volgend level helpen.

6.

Om de teksten toegankelijker voor een breed publiek te maken, maakte hij de setting ervan algemener. Er kwamen minder specifieke locaties uit zijn geliefde New Jersey voorbij. Zoals hij ook de personages in de teksten minder gedetailleerd invulde, zodat de fans zich er makkelijker mee konden identificeren.

7.

Voor de opnamen van het album werd Bruce Springsteen een fors budget ter beschikking gesteld. Ook de marketingcampagne had een hoog ‘nu of nooit’-gehalte. Er werd liefst 250.000 dollar uitgetrokken om Bruce en zijn album aan de massa te brengen. Dit moest de klapper worden, anders hing het platencontract aan een zijden draadje. Met resultaat, nog in de herfst van 1975 prijkte het karakteristieke hoofd van de zanger op de covers van Time en Newsweek – beiden zeer prestigieuze bladen.

8.

Springsteen was niet blij met alle promotie: hij verafschuwde dat door Jon Landau bedachte kreet ‘I saw rock and roll future and it’s name is Bruce Springsteen’ als een soort slogan gebruikt werd. Voorafgaan aan een optreden in de Hammersmith in Londen trok hij eigenhandig posters met ‘Finally the world is ready for Bruce Springsteen’ van de muren van de lobby. Zoals hij ook eiste dat de buttons met daarop ‘I have seen the future of rock and roll at Hammersmith Odeon’ niet uitgedeeld werden aan de bezoekers.

9.

Volgens zijn autobiografie uit 2016, die niet geheel toevallig ook Born To Run heet, bleef Bruce Springsteen tot het allerlaatste moment twijfelen over het album. Hij vreesde dat het album te overdadig was, waarbij hij vooral moeite had met zijn eigen theatrale, door Roy Orbison beïnvloedde zang. Tijdens een moment van wanhoop smeet hij zelfs afgemixte tapes in het zwembad van zijn hotel. Uiteindelijk gaf hij alles uit handen. Niet veel later volgden de recensies die unaniem jubelden dat Bruce Springsteen eindelijk het meesterwerk had afgeleverd dat hij al die tijd al in zich had. Het album kwam op 25 augustus 1975 ter wereld en er zouden uiteindelijk zes miljoen exemplaren van verkocht worden. Een aantal dat nog altijd oploopt. De singles Thunder Road en Born To Run werden omarmd door de almachtige Amerikaanse rockradio. Born To Run had van Bruce Springsteen een ster gemaakt.

10.

In de loop van de jaren werd Born To Run verschillende keren opnieuw uitgebracht. Een van de mooiste versies was de 30th Anniversary Edition uit 2005: een box met daarin een opnieuw gemasterde versie van het album, een dvd met een documentaire plus een dvd met een registratie van het bewuste optreden in de Hammersmith Odeon uit 1975.            

Deel deze pagina:
Bekijk ook