Achtergrond
Leonard Cohen: Kleurrijke somberheid

Het onlangs verschenen Thanks For The Dance wordt unaniem onthaald als een indrukwekkende toevoeging aan het toch al rijke oeuvre van Leonard Cohen. De opnamen waaraan de Canadese zanger en songschrijver tot kort voor zijn dood werkte, werden afgemaakt door grootheden als Beck, Jennifer Warnes, Daniel Lanois en zijn zoon Adam Cohen. Een nieuw album dat uitnodigt om ook zijn ouder werk te (her)ontdekken. Een overzicht van zijn meest essentiële en opvallende platen.

Songs Of Leonard Cohen (1967)

Hij had al naam gemaakt als dichter, koesterde ooit de ambitie om countryzanger te worden, maar in de jaren zestig werd Leonard Cohen toch opgenomen in de florerende folk scene van New York. Hij vestigde in een keer zijn naam als zanger en componist met dit klassieke debuut dat songs bevat als Suzanne, So Long, Marianne en Hey, That’s No Way To Say Goodbye. Hoe goed de reacties op het album ook waren, de zanger zelf bleef van mening dat producer John Simon zijn liedjes te overdadig ingekleurd had.  

 

Songs From A Room (1969)

Leonard Cohen begon de opnamen voor dit album met ex-Byrd David Crosby als producer en opnieuw bekroop de zanger het gevoel dat de muziek een richting op ging die hij niet wilde. De sessies werden afgebroken en met huisproducer Bob Johnston (o.a. Simon and Garfunkel, Johnny Cash, Bob Dylan) werd de draad uiteindelijk weer opgepakt – de man die Leonard Cohen al voor zijn debuut op het oog had. Het resultaat was een sober, ingetogen album, precies zoals hij dat wilde. Het opende met Bird on A Wire, zijn meest iconische song ooit.  

 

Songs of Love And Hate (1971)

Leonard Cohen ging opnieuw met Bob Johnston de studio in voor Songs Of Love And Hate. In Europa leverde het hem een nieuwe bestseller op, maar in Amerika bleven de verkoopcijfers achter bij de verwachtingen. De verklaring daarvoor was wellicht dat het een overwegend somber en intens album was, zelfs voor Leonard Cohen-begrippen. Het bevatte met Joan Of Arc, Famous Blue Raincoat en Avalanche wel songs die nog altijd door zijn publiek gekoesterd worden.

 

Death Of A Ladies Man (1977)

De verhalen lopen uiteen over wiens krankzinnige idee het was om een introverte dichter te koppelen aan een aan de maniakale producer. Toch werden Leonard Cohen en Phil Spector in 1977 tot elkaar veroordeeld. Volgens de overlevering verliepen de schrijfsessies nog redelijk voorspoedig, maar sloeg tijdens de opnamen de waanzin genadeloos toe. De zanger zou later memoreren hoe Spector hem een van de rondslingerende revolvers tegen de strot duwde en zei ‘ik houd van je Leonard’, waarop de zanger antwoordde: ‘I hoop dat je van me houdt, Phil’. Bob Dylan kwam op bezoek en leende zijn achtergrondstem aan het scabreuze Don’t Go Home With Your Hard-On – representatief voor de waanzin die in de lucht hing. De recensies waren destijds vernietigend. Rolling Stone repte van een nachtmerrie. In recente jaren werd het album toch herontdekt als een even bizarre als fascinerende dissonant in het werk van Leonard Cohen.  

 

Various Positions (1984)

Leonard Cohen roept bij velen een beeld op van een eenzame man die zichzelf begeleidend op een akoestische gitaar zijn duisterde poëzie voordraagt. Zeker in muzikaal opzicht is zijn oeuvre veel kleurrijker dan dat imago doet vermoeden. Een goed voorbeeld daarvan is het album Various Positions waarmee de Canadese zanger zich met huid en haar op de jaren tachtig stortte – lees: veel keyboards. Het rare was dat het nog werkte ook. De smaakvol gedoseerde synthesizers combineerden perfect met zijn gerijpte, donkerbruine stem die ook nog eens tegenspel kreeg van de zang van Jennifer Warner. En het is natuurlijk het album met het daarop het door Jeff Buckely onsterfelijk gemaakte Hallelujah.  

 

I'm Your Man (1988)

Op dit album schoof Leonard Cohen mogelijk nog verder in de richting van trendy elektronica, maar de kwaliteit van zijn songs, de diepgang van zijn teksten en de timbre van zijn stem maakten er toch weer een artistieke triomf van. Nummers als First We Take Manhattan, Ain’t No Cure For Love, Everybody Knows en Tower Of Song horen tot de beste composities die hij ooit schreef. Toegankelijk en indringend tegelijk. Het ontpopte dan ook tot zijn best verkopende plaat in jaren.

 

You Want It Darker (2016)

Het album werd opgenomen in het jaar dat hij ook zou overlijden. Leonard Cohen kampte al met veel fysiek ongemak wat hem noopte zijn bijdragen in zijn huiskamer op te nemen. De begeleiding werd via internet ingevlogen. In weerwil van deze bewerkelijke procedure leverde het een heel coherent album op, met indringende songs vol dood, geloof en zelfs wat sprankjes humor. Hij klonk onvaster en breekbaarder dan ooit, maar opnieuw bewees Leonard Cohen een zanger te zijn die met het verglijden van de jaren alleen maar aan zeggingskracht gewonnen had. Een waardig afscheid, dat dit jaar met Thanks For The Dance dus een erg mooi vervolg kreeg.

 

Jennifer Warnes – Famous Blue Raincoat (1987)

Het ideale alternatief voor mensen die Cohen’s songs prachtig vinden, maar moeite hebben met zijn karakteristieke stemgeluid. De Amerikaanse zangeres Jennifer Warners vanaf de jaren 70 als achtergrondzangeres van Leonard Cohen en nam in 1987 een album op met covers van zijn songs. Ze maakte zich nummers als First We Take Manhattan, Bird On A Wire en Ain't No Cure For Love helemaal eigen. De sterbezetting, met een hoofdrol voor bijvoorbeeld Stevie Ray Vaughan in de hit First We Take Manhattan, deed de rest. Helemaal afwezig was De Stem overigens niet. De meester zelf bromde nog even mee in Joan Of Arc.

Deel deze pagina:
Bekijk ook